Nieuwe trends
Heup
- Brochure heupprothese
- Nieuwe trends in heupchirurgie
- geschiedenis van de heupchirurgie
- Heupkopnecrose
- Heuparthroscopie
- Klassieke heupprothese
- Minimal invasieve chirurgie
- Resurfacing (McMinn)
Knie
Onderzoeken
Schouder
Rug
klinisch pad THP
Preoperatieve voorbereiding
voet
Transmuraal aspect bij klinischpad
Hand


 
 
Home Dienst Orthopedie Artsen Orthopedie Traumatologie Nieuws Links
Waar ben ik ? : Home > Orthopedie > Heup > Brochure heupprothese
Medische dienst Orthopedie ZNA Middelheim

ZNA Middelheim

Lindendreef 1 2020 Antwerpen

Geplande totale heupprothese

Informatiebrochure 01 oktober 2007

Geachte Mevrouw, Heer,

U vindt in deze brochure informatie over het plaatsen van een heupprothese. 
Wij danken u voor het vertrouwen dat u stelt in onze afdeling Orthopedie - Traumatologie.
Deze brochure staat boordevol nuttige informatie. Lees ze aandachtig om goed voorbereid naar het ziekenhuis te komen.  Achteraan vindt u ruimte voor eigen notities en ook een lijstje met zaken die u in orde dient te brengen vóór uw opname.
Bij opname ontvangt u de algemene onthaalbrochure van ZNA - Middelheim. Ook daarin vindt u praktische informatie.


2. Inhoudstafel

1. Inleiding
2. Inhoudstafel
3. Het team
4. Beschrijving van de ingreep en uw verblijf
5. Tegenaanwijzingen
6. Voorbereiding op de opname
7. Het verblijf
8. Prognose en verloop
9. Mogelijke complicaties
10. Specifieke aandachtspunten
11. Kostprijs
12. Ondersteunende diensten
13. Bij problemen
14. Vragen
15. Voorbeeld van het kostenplaatje
16. Checklist om zelf aan te vullen
 

3. Het team
Er staat een heel team klaar om u op te vangen. U zal vooral begeleid worden door uw behandelende arts, uw kinesist ( Shaun Malone en Kristin Van Raemdonck) en de verpleging. Bij uw opname komt u terecht op verpleegeenheid 7D of 7E. Op beide eenheden wordt op dezelfde manier gewerkt. De hoofdverpleegkundigen zijn Sonia Grauls (7D) en Gerd Peeters (7E).

4.  Beschrijving van de ingreep en je verblijf

4.1. Wanneer wordt een heupprothese geplaatst?

Er staat een heel team klaar om u op te vangen. U zal vooral begeleid worden door uw behandelende arts, uw kinesist ( Shaun Malone en Kristin Van Raemdonck) en de verpleging. Bij uw opname komt u terecht op verpleegeenheid 7D of 7E. Op beide eenheden wordt op dezelfde manier gewerkt. De hoofdverpleegkundigen zijn Sonia Grauls (7D) en Gerd Peeters (7E).



Het heupgewricht bestaat uit de kop van het dijbeen dat soepel ronddraait in de kom van het bekken. Die soepele beweging wordt mogelijk gemaakt door een laagje kraakbeen op de kop van het dijbeen en in de kom van het bekken.  Kraakbeen is een glad en verend weefsel.
Slijtage van het kraakbeen noemt men artrose. Dergelijke slijtage is een normaal verouderingsproces dat bij iedereen optreedt. Bij sommige mensen verloopt de slijtage sneller. Oorzaken daarvan zijn abnormale belasting, een ongeval, of vormafwijkingen van het heupgewricht. Er is zeker ook een belangrijke familiale voorbeschiktheid. Slijtage is niet altijd aan een specifieke oorzaak toe te schrijven. 


Dergelijke slijtage veroorzaakt pijn. Wanneer de pijn niet meer kan verholpen worden met andere middelen  zal een heupprothese worden voorgesteld. Bij ernstige heupbeschadiging worden zowel heupkop als heuppan vervangen (volledige prothese).
We plaatsen ook vaak een prothese als de heupkop afbreekt. Het is dan niet altijd noodzakelijk om heel het gewricht te vervangen. Gewoonlijk wordt enkel de afgebroken kop van het dijbeen vervangen. We spreken dan van een “halve prothese” of “hemiprothese”.

4.2. Hoe ziet een heupprothese er uit ?

Een heupprothese is een nabootsing van de normale heup. Bij de operatie wordt de heupkop verwijderd (Zie figuur A). In de kom wordt het resterende kraakbeen uitgefreesd. (Zie figuur B).



Vervolgens worden de onderdelen van de nieuwe heup geplaatst. In de heupkom komt de nieuwe kom van kunststof en metaal (zie figuur C). Daarna wordt in het bovenbeen een metalen pen geplaatst met een klein kopje er bovenop (figuur D). Dit past precies in de kunststof kom. Deze pen wordt ook wel de “steel” of “stem” genoemd.

Er zijn verschillende manieren om de onderdelen vast te zetten. In onze dienst wordt de metalen kom meestal gewoon geklemd in de oorspronkelijke heuppan. Het bot groeit in de prothese in. Deze ingroei wordt bereikt na ongeveer 6 weken.  Soms worden er één of twee schroeven geplaatst om extra stevigheid te garanderen.
In de metalen kom wordt een kunststof gedeelte geplaatst dat klassiek uit hoogwaardig plastiek vervaardigd is.
De metalen steel bestaat uit chroom-cobalt of titanium en kan op twee manieren geplaatst worden. Ofwel wordt de steel met speciale cement (methylmetacrlylaat) in het dijbeen vastgezet. Ook hier moet dan een stevige verankering bereikt worden door ingroei van bot. Zoals hoger gezegd vraagt dit ongeveer zes weken tijd.  Ofwel wordt de metalen stem in het dijbeen geklemd, zonder gebruik van cement. Of er al dan niet met cement gewerkt wordt hangt af van de kwaliteit van het bot en uw leeftijd.
Bovenop de steel wordt een bolletje geplaatst dat glijdt in het binnenste gedeelte van de nieuwe pan.  De combinatie van kopje en binnenste gedeelte van de nieuwe pan noemen we het ‘koppel’. Klassiek werd vroeger kozen voor een plastieken binnenpan en een metalen kopje. Het plastiek is de zwakke schakel van de prothese omdat die het meest aan slijtage onderhevig is. Dergelijke slijtage  treedt bij iedereen op. Snelle plastiek-slijtage kan een mechanisme in gang zetten dat de heupprothese uiteindelijk doet loskomen. De normale levensduur van een plastiek/metaal-prothese bedraagt 10 à 15 jaar.   Meer en meer wordt er voor het koppel gebruik gemaakt van nieuwe materialen die beter glijden, minder wrijven en  daardoor trager verslijten. Zo gebruiken we vaak een keramisch kopje, soms ook een keramische binnenpan. We hopen de levensduur van de prothese daarmee boven 15 jaar te brengen.
In sommige centra experimenteert men met een metaal-metaal koppel. De eerste gegevens zijn hoopgevend doch resultaten op lange termijn zijn nog niet beschikbaar. 
De arts zal met u bespreken welke combinatie voor u het meest aangewezen is.
Aan de verschillende systemen en materialen zijn uiteraard verschillende prijzen verbonden.

5.  Tegenaanwijzingen

Meestal zullen we geen prothese plaatsen bij

  • sterk beperkte levensverwachting
  • slechte algemene toestand
  • belangrijk verminderde doorbloeding van het lidmaat
  • extreme gewrichtsverstijving
  • onmogelijke revalidatie (ernstige psychische stoornissen, belangrijke verlammingen).

6.  Voorbereiding voor opname

Tijdens de raadpleging kreeg je een formulier “opnamereservatie”. Dit formulier moet je verder invullen en afgeven aan het Bureel Opname Planning Dit is de eigenlijke reservatie van je bed in het ziekenhuis!

De volgende onderzoeken zijn nodig vóór de ingreep:

  • een bloedonderzoek;
  • een röntgenfoto van de longen (indien je een foto hebt die minder dan een jaar oud is hoeft die niet opnieuw te worden genomen)
  • een ECG (electrocardiogram)

Deze onderzoeken kunnen bij voorkeur gebeuren door de huisarts die je dan de resultaten zal bezorgen. Indien je ervoor kiest deze onderzoeken bij ons in het ziekenhuis te laten uitvoeren organiseren onze medewerkers dit voor jou. Je zal telefonisch gecontacteerd worden en de preoperatieve onderzoeken zullen in samenspraak met jou geregeld worden.

Preoperatieve onderzoeken in het ziekenhuis (Je hoeft niet nuchter te zijn):

  • Je schrijft je in aan de balie in de inkomhal.
  • Je begeeft je naar de balie van de raadpleging orthopedie (gebouw F,  niveau 0) waar men je verder de weg zal wijzen.
  • De onderzoeken gebeuren op de eerste verdieping, vleugel B (voor bloedname en ECG) en op de tweede verdieping, vleugel E (voor de foto(’s)). Reken erop dat de onderzoeken ongeveer  anderhalfuur in beslag nemen.

Meestal zal gevraagd worden je op voorhand aan te bieden bij dr. C. Brands of dr. J. Nagler. Dr. Brands en dr. Nagler zijn internisten. Het is interessant dat één van deze artsen je vóór de ingreep ziet, zodat zij weten welke de eventuele problemen zouden kunnen zijn. Zij zullen ook met jou bespreken welke medicatie je verder mag nemen en welke medicatie voor de ingreep dient te worden gestopt. Bloedverdunnende medicatie en antiflogistica (NSAID's) moeten altijd tien dagen voor de ingreep worden gestopt met uitzondering van de coxibs (arcoxia, celebrex).  Indien je een preoperatief onderzoek moet ondergaan bij dr. Brands of dr. Nagler dien je telefonisch een afspraak te maken als dat nog niet gebeurd is door het personeel van de raadpleging (03 280 3160).

Indien je huisarts zorgt voor preoperatief ECG, röntgenfoto en bloedname moet je de resultaten naar dr. Brands  of dr. Nagler meebrengen. Indien deze onderzoeken bij ons in het ziekenhuis gebeuren komen de resultaten automatisch op de raadpleging van dr. Brands/ dr. Nagler terecht op voorwaarde dat ze minstens één week eerder werden uitgevoerd.
Meestal zijn er bijkomende foto’s nodig van de heup. Ook daarvoor krijg je van je arts een voorschrift. Voor deze foto’s (RX) wordt voor jou een afspraak gemaakt (03 280 3003)

In uitzonderlijke gevallen zal de chirurg je voor de ingreep naar de raadpleging van de anesthesisten verwijzen. Normaal bezoekt de anesthesist je de vooravond van de ingreep.

Normaal blijf je 9 à 10 dagen in het ziekenhuis. Indien je verwacht dat je vanuit het ziekenhuis niet terug naar huis kan (bv. omdat je er helemaal alleen voorstaat) en je wenst een tijdje in een revalidatiecentrum door te brengen moet je vóór je opname contact opnemen met de Sociale Dienst in ZNA Middelheim. De Sociale Dienst is gehuisvest in de inkomhal van het ziekenhuis. Voor de dienst Orthopedie-Traumatologie vraag je naar Johan T’Seyen. Voor de revalidatieperiode kan u terecht in andere ziekenhuizen waarmee ZNA Middelheim samenwerkt. De duurtijd van de revalidatie wordt bepaald in samenspraak met je behandelende arts.

7.  Het verblijf

U krijgt bij opname een overzicht van wat er tijdens uw opname zoal gebeurt. Gebruik dat blad om zo goed mogelijk mee te werken aan uw herstel. Hierop staat duidelijk uitgelegd wat u welke dagen zou mogen verwachten. In het kort geven we de belangrijkste punten en ervaringen nu al weer:

7.1. Voor de opname

Je neemt een bad of douche (gewone zeep).

7.2. De opname

De meeste patiënten worden de dag voor de ingreep opgenomen. Sommige patiënten worden de dag van de ingreep opgenomen. De dag van de opname bied je je aan bij de opnamebalie in de inkomhal. Je zal dan begeleid worden naar vleugel  7E/7D waar je wordt opgevangen door iemand van de verpleging.
Je zal op 7E opgevangen worden door het verpleegteam onder leiding van Mevr. G. Peeters (7 E – tel. 03 280 37 74). Op 7D word je opgevangen door het verpleegteam onder leiding van Mevr. S. Grauls ( 7D – tel. 03 280 37 73). Er wordt nagekeken of de preoperatieve onderzoeken volledig in orde zijn. De anesthesist zal je bezoeken als je de dag voor de operatie bent opgenomen. Er wordt gevraagd om de thuismedicatie in de verpakking mee te brengen op de dag van de opname.
Vanaf middernacht mag je niet meer eten, drinken of roken. De reden waarom je minstens 8 uur vóór de ingreep nuchter moet blijven is om te voorkomen dat er tijdens de ingreep voedsel of vocht van de maag in de longen terecht komt.


7.3. De operatie

De ingreep gebeurt in principe onder algemene verdoving. Soms gebeurt een combinatie van algemene verdoving en een ruggenprik (=loco-regionale of epidurale anesthesie).
De ingreep duurt ongeveer anderhalf uur. Er worden geen spieren doorgesneden zodat u redelijk vlug terug zal kunnen stappen. Er zal aan de zijkant van de heup een litteken van 10 tot 20cm overblijven.

7.4. Meteen na de operatie

Onmiddellijk na de operatie wordt u overgebracht naar de uitslaapruimte. U blijft daar onder toezicht van de anesthesist en van gespecialiseerde verpleging. Het zal minstens 4 à 5 uur duren voordat u terug naar de verpleegafdeling wordt gebracht. U kan uw familie dus best verwittigen dat u pas in de late namiddag of de vooravond terug op uw kamer zal zijn.

Als u wakker wordt zal u merken dat u een infuus hebt. Dit dient om medicatie en vocht te kunnen toedienen. Uit de wonde komt er meestal een buisje (= een redon) waardoor er bloed en wondvocht kunnen aflopen in een redonfles. De wonde is afgedekt met een drukverband om nabloeden te verminderen.

Waarschijnlijk hebt u ook een blaassonde. Dit is een buisje dat via de plasbuis tot in de blaas is gebracht. Via de sonde loopt urine af in een zakje. Soms krijgt toch het gevoel dat u moet plassen. Wees daarover niet bezorgd: de urine loopt automatisch af.


7.5. Dag 1 na de ingreep

Vandaag blijft u in bed om wat te bekomen van de ingreep. U krijgt een waskom om u al gedeeltelijk zelf te wassen. De kinesist komt langs om u de eerste oefeningen aan te leren.
U krijgt standaard pijnmedicatie. Indien nodig kan u altijd pijnstilling bijvragen
U dient zeker niet stil in uw bed te blijven liggen, integendeel! U moet zich minstens één keer per uur goed oplichten, om doorligwonden te voorkomen. Probeer in bed zo veel mogelijk te bewegen.
Vanaf de dag na de ingreep zal de kinesist u een aantal oefeningen aanleren om u zo snel mogelijk weer op de been te krijgen. Het is belangrijk om zo snel mogelijk uw activiteit te herwinnen om “tromboflebitis” (ontsteking van de aderwand en klontervorming) te voorkomen.
Er worden ook systematisch steunkousen aangebracht om u tegen tromboflebitis te beschermen.
Mensen hebben na een ingreep sneller de neiging om een luchtweginfectie op te lopen. Adem goed door en hoest af en toe eens flink! Dit help infecties te voorkomen.


7.6. Dag 2 na de ingreep

Vandaag gaat het al een stuk beter. Het drukverband, de redon, de sonde en het infuus  worden in principe verwijderd. U mag vanaf nu opzitten. Het opkomen gebeurt met de hulp van de verpleging.  Maak zo mogelijk gebruik van een voldoende hoge stoel met armleuningen: U kan dan goed met beide armen steunen als u gaat zitten of uit zittende positie rechtkomt.

7.7. Dag 3 na de ingreep

U voelt zich een stuk beter. De belangrijkste pijnklachten zijn verdwenen. De dij zal wellicht nog wat gespannen aanvoelen. De kinesist zal u begeleiden bij de eerste stappen in uw kamer. U kan wellicht al tot aan het toilet.

7.8. Dag 4 na de ingreep

Vanaf nu begint de gangrevalidatie echt. Eerst gebeurt dit met de hulp van een looprek (=rolator). De kinesist begeleidt u en gaat u opnieuw een aantal oefeningen aanleren. De kinesist zal u tonen welk de beste manier is om in en uit bed te stappen en hoe u het best kunt gaan liggen, zitten, opstaan, steunen en naar het toilet gaan.

7.9. Volgende dagen in het ziekenhuis

De kinesist zal u toelating geven om zelfstandig te beginnen stappen, hetzij met een loopkader, hetzij met krukken. Eerst stapt u alleen in de kamer (u kan dan zelfstandig naar het toilet), later kan u ook in de gang stappen zonder begeleiding van de kinesist.
De kinesist zal u ook leren trappen te bestijgen en af te dalen.
Stilaan probeert het team u terug volledig zelfstandig te laten functioneren. Pijnmedicatie wordt afgebouwd. Bij pijn mag u gerust nog een pijnstiller vragen. U krijgt dagelijks een spuitje in de buik (Fraxiparine of Arixtra) om flebitis te voorkomen. U krijgt de gelegenheid dit zelf te leren doen indien u dit wenst. De spuitjes dienen na ontslag nog een 20-tal dagen te worden gegeven. Het is dus handig als u dit zelf kan. Zo niet dient u een thuisverpleegkundige in te schakelen.
Dag na dag leert de kinesist u bij hoe u de dagelijkse activiteiten best doet met een heupprothese, bijvoorbeeld op een goede manier in en uit bed komen, gaan zitten, trappen doen enz. Bespreek met hem wat u al wel en nog niet mag doen. Dagelijks worden de loopafstanden iets groter.
Oefeningen die pijn uitlokken worden best vermeden.

7.10. Ontslag

Rond de 8ste dag na de ingreep bent u voldoende hersteld om terug naar huis te gaan of naar het revalidatiecentrum te vertrekken. Voor uw ontslag krijgt u nog uitleg van uw behandelende arts.

Bij ontslag ligt het volgende  voor u klaar:

  • een brief voor de huisarts
  • een afspraak om ongeveer 6 weken na de ingreep op controle te komen.
  • eventueel een voorschrift voor kinesitherapie indien de arts dit nodig acht. De kinesitherapie kan van hieruit geregeld worden (te bespreken met Shaun Malone of Kristin van Raemdonck) of u kan ook bij een kinesist van uw keuze terecht.
  • eventueel een voorschrift voor thuisverpleging, om u nog gedurende 20 dagen elke dag een spuitje Fraxiparine in de buik komen geven. Hij/zij (of uw huisarts) mogen de nietjes verwijderen op de 14e postoperatieve dag.
  • een voorschrift voor de nodige medicatie. Nadat u gedurende 20 dagen na ontslag Fraxiparine hebt gekregen, moet u overschakelen op Asaflow, 1 tablet/dag, tot de voorgeschreven doos helemaal leeg is.

Omdat zowel Fraxiparine als Asaflow het bloed verdunnen, moet u oppassen geen andere medicatie te combineren die het bloed nog verder zou verdunnen. U kan bv. geen NSAID’s (Voltaren, Feldene,...) combineren.
Bij pijn gebruikt u best 1gr paracetamol. De maximale dagdosis bedraagt 3 gr.
Soms vallen de eerste dagen thuis wat tegen. U zal toch meer willen doen dan u eigenlijk kan. Doe het vooral rustig aan !

7. Wat na het ontslag uit het ziekenhuis?

Soms vallen de eerste dagen thuis wat tegen. Je zal toch meer willen doen dan je eigenlijk kan. Doe het vooral rustig aan! Je zal progressief meer zelfstandig worden. Je mag gerust buiten komen!

Een aantal activiteiten van het dagelijkse leven veroorzaken extreme bewegingen ter hoogte van het heupgewricht. Om deze extreme bewegingen te vermijden, dient u deze activiteiten heupsparend uit te voeren.

7.1. Na het ontslag

U zal progressief meer zelfstandig worden. U mag gerust buiten komen!
  
Stappen

Tot de eerste controle raadpleging is het wenselijk steeds 1 kruk te blijven gebruiken (aan de andere kant dan de geopereerde heup). 
Indien u thuis voldoende rondstapt hoeft u de steunkousen niet meer te dragen.
Het is nooit verkeerd een wandelstok te gebruiken wanneer u zich wat onzeker voelt, al was het maar om valpartijen te voorkomen.

Andere vormen van beweging

De oefeningen waarbij u staande het geopereerde been voorwaarts, zijwaarts en achterwaarts brengt, moet u nog verder uitvoeren.  Ook de oefeningen waarbij u in zittende positie de knie strekt en de knie heft, dient u thuis voort te zetten.
Fietsen is niet toegelaten gedurende de eerste zes weken, ook niet op een hometrainer. Na die zes weken mag u stilaan beginnen fietsen: best eerst op een hometrainer, waarna u buiten de afstanden geleidelijk opbouwt.
Zwemmen is pas toegelaten vanaf 3 maanden na de ingreep. 
 
Bij het winkelen draagt u uw boodschappentas best aan de niet geopereerde zijde. Eventueel kan u gebruik maken van een boodschappentas op wieltjes. Het is best niet te overladen.
 
Een heupprothese vormt geen probleem om een auto te besturen. Wacht voldoende lang na de operatie om opnieuw te rijden. U dient er rekening mee te houden dat er steeds iets kan gebeuren (bv. uw auto schiet in brand). U moet voldoende snel zijn om zelfstandig uw wagen te kunnen verlaten. Meestal is autorijden mogelijk 6 weken na de ingreep.
 
Tuinieren en klussen kunnen. Het is echter niet aangewezen lang geknield of gehurkt te zitten. Een heupprothese is niet gemaakt om contactsporten te beoefenen. Ook andere sporten - zoals tennis - zijn niet aangewezen omdat de slijtage van de prothese daardoor zeker versneld wordt. Ook joggen is daarom af te raden.
 
 Hoewel een heupoperatie een routine-ingreep is geworden, blijft dit toch een vrij ingrijpende zaak.  De eerste maanden zijn pijnklachten dan ook heel normaal.  Het is best de eerste weken niet te forceren en uw activiteiten te spreiden over de hele dag. De eerste weken is wat hulp van derden zeker welkom. Tracht alle bezigheden die normaal met wat langer staan gepaard gaan (koken, afwassen, strijken) zittend uit te voeren en las meer rustpauzen in.
 
Zorg voor de wonde
 
Zolang de hechtingen of nietjes ter plaatse zijn, is het best de wonde niet nat te maken. U kan eventueel wel douchen met een perfect waterafsluitende pleister die u in de apotheek kan vinden. Zodra de hechtingen of nietjes verwijderd zijn mag u wel douchen. Liefst niet baden tot 3 maanden na de ingreep.
Als de wonde in contact geweest is met water moet die achteraf worden afgedopt met alcohol of een ander ontsmettingsmiddel. Na het verwijderen van de nietjes is het niet meer nodig de wonde af te dekken.
Deze maatregelen dienen om wondinfecties te voorkomen. Indien u plots koorts begint te ontwikkelen, raadpleeg dan uw arts. 

Controles

Er is een controle raadpleging voorzien ongeveer 6 weken na de ingreep. Indien er een niet-gecementeerde steel geplaatst werd zal er op dat ogenblik een controlefoto worden gemaakt. Vermoedelijk zal u dan toelating krijgen om in huis zonder kruk te stappen of over te schakelen van twee krukken naar één kruk. Bij langere afstanden wordt er best altijd nog een kruk gebruikt, gewoonlijk tot ongeveer 3 maanden na de ingreep.
De volgende controle raadpleging vindt plaats 3 maanden na het plaatsen van de prothese. Er wordt een controlefoto uitgevoerd als er een gecementeerde steel geplaatst werd.
De volgende controle is 1 jaar postoperatief en nadien om de twee jaar, waarbij dan telkens een foto van de heup zal worden uitgevoerd.

8. Prognose en verloop

Een heupprothese is een vervanging en helaas nooit zo goed als een normale heup.
In principe moet u pijnvrij zijn en terug een behoorlijke afstand kunnen stappen.
Een normaal gewricht voelt men niet. Een heupprothese wordt meestal wel ervaren. Het gaat niet om pijn. Men weet echter dat men een nieuw gewricht heeft. 
 
Na het plaatsen van een heupprothese klagen de meeste mensen van wat moeilijkheden om na langer zitten in gang te geraken (starthinder). Ook ‘s morgens kunnen de eerste passen lastig blijven. Een veel gehoorde klacht is dat het nemen van een wat grotere trede lastig blijft (bv. op- en afstappen van bus of tram). U moet in staat zijn om een normale trap vlot te bestijgen en af te dalen.
 
Zoals hoger uitgelegd werd, is een heupprothese aan slijtage onderhevig. Slijtage is van veel factoren afhankelijk. In de eerste plaats is er de kwaliteit van het gebruikte materiaal. Verder is de manier van plaatsing zeer belangrijk en tenslotte zal de slijtage sterk afhankelijk zijn van de manier waarop de heup gebruikt wordt. Hoe actiever men is, hoe meer de prothese belast wordt en hoe sneller de slijtage evolueert. Overgewicht is een oorzaak van snellere slijtage.
Het is dus noodzakelijk om met een heupprothese relatief “voorzichtig” te leven. Bij normaal gebruik en normale belasting kan men een levensduur van 10 tot 15 jaar verwachten. Vermoedelijk gaan de nieuwe materialen langer mee. Bij pijn en zichtbare schade op een controlefoto kan de heupprothese vervangen worden. Het resultaat van een vervanging is echter meestal minder goed dan dat van een ‘primaire’ prothese.
Dit is de reden waarom er slechts een prothese geplaatst wordt op minder jeugdige leeftijd tenzij er geen andere mogelijkheden zijn.
 

9. Mogelijke complicaties

Hoewel er in meer dan 95% een goed resultaat bereikt wordt verloopt ook een heupprothese niet zonder enig risico. Er zijn risico’s van de anesthesie en risico’s gebonden aan het plaatsen  de heupprothese zelf. De belangrijkste worden opgesomd:

9.1. Mogelijke complicaties door de ingreep zelf

De huidige anesthesie producten zijn kortwerkend en veilig. Het is echter niet onmogelijk dat er wat misselijkheid optreedt of u rillingen vertoont bij het ontwaken. Er kan allergie optreden op gebruikte medicatie. In zeldzame gevallen ziet men tijdens of na anesthesie hartproblemen, cerebrale verwikkelingen of longproblemen. Er is mogelijk tijdelijk smaak- en geurvermindering.
 De belangrijkste complicatie die zich kan voordoen is een longembolie. Daarom worden alle maatregelen getroffen om dit te voorkomen: medicatie, steunkousen en snel terug beginnen bewegen.

9.2. Mogelijke complicaties te maken met de prothese

De volgende complicaties kunnen optreden:

  • Aanhoudende pijn
  • Thromboflebitis.
  • Infectie (Dit komt in minder dan 2% van de gevallen voor).
  • Loslating van prothese
  • Breuken rond de prothese (zeker bij botontkalking)
  • Verminderde beweeglijkheid
  • Luxeren van de prothese (de heupkop schiet uit de pan).
  • Zenuwletsels (uitrekking of compressie). Dit is een reëel, maar wel beperkt risico, dat zich vooral voordoet bij moeilijke operaties. Dit zijn onder andere gevallen waar het probleem reeds lang aansleept, of bij een het vervangen van een eerder geplaatste prothese.

10. Specifieke aandachtspunten

Zoals al aangegeven is, is het meest voorkomende probleem tijdens de eerste maanden een heupluxatie.  De nieuwe heupkop schiet daarbij uit de heupkom. Dit is een vervelende en pijnlijke verwikkeling. Het risico van een heupluxatie heeft veel te maken met de operatieve benadering van de heup en de wijze van plaatsen van de componenten. Normaal wordt het gewricht goed omsloten door gewrichtskapsel en spieren. Uiteraard zijn deze structuren onmiddellijk na de operatie minder stevig, waardoor het gewricht de eerste maanden na de operatie minder stabiel is. Geleidelijk vormt er zich een nieuw gewrichtskapsel waardoor het luxatierisico vermindert.

Daarom is het erg belangrijk dat u op de juiste manier omgaat met uw nieuwe heup.

Het luxatierisico bedraagt in onze dienst minder dan 1% voor een primaire prothese. Dit werd wetenschappelijk vastgesteld. Onze resultaten (luxatie, infecties …) worden al jaren vergeleken met een aantal Europese en Amerikaanse toonaangevende centra ‘Quip-studie’.

Wat mag u zeker NIET doen?

  • U mag uw benen vooral NIET KRUISEN!  (noch in bed, noch als u op een stoel zit!).
  • Plooi uw heup nooit meer dan 90 graden (een rechte hoek)
  • Draai uw voet niet naar binnen.
  • Ga niet in een te lage stoel of zetel zitten


Wat moet u vooral wel doen?

  • Spreid de benen steeds bij het veranderen van houding.
  • Leg een kussen in de autostoel, zodat u hoger zit.

10.1. Hoe in bed stappen?

Ga op de rand van het bed zitten, steun met één hand op de rand van het bed en plaats de andere hand in het midden van het bed. Hef beide benen en draai de gestrekte benen gelijktijdig met het bekken tot op het bed. Men kan het heffen van het geopereerde been vergemakkelijken door de voet van het niet geopereerde been onder deze van het geopereerde been te plaatsen.

10.2. Hoe liggen?

Als u op uw rug ligt leg uw benen dan naast elkaar en kruis ze niet. Steek een kussen tussen de knieën als u op uw zij ligt. Bij het draaien in bed, houdt u best de benen naast elkaar. Draai de benen gelijktijdig met de romp, liefst met een kussen tussen de knieën. 

10.3. Hoe uit bed komen?

Ga rechtop zitten en steun beide handen langs weerszijden van het lichaam.  Draai beide benen gelijktijdig met het bekken en in één beweging tot u op de rand van het bed zit. Om recht te staan, steunt u met beide handen op de rand van het bed. 

10.4. Zitten

Gebruik liefst een stoel met armleuningen. Stap achteruit tot beide benen de zitting raken. Plaats de benen en voeten uit elkaar en ga pas dan zitten, terwijl u met beide handen op de armleuningen steunt. Kruis nooit de benen in zittende positie. Lage stoelen of zetels worden de eerste maanden best vermeden.  
Wanneer het toilet erg laag is wordt dit best aan stoelhoogte aangepast. Een speciaal verhoogsysteem voor het toilet kan gehuurd of aangekocht worden.

10.5. Hurken en diep buigen

De eerste 3 maanden is hurken verboden. Ook oppassen met diep buigen. Om een voorwerp van de vloer op te rapen kan u als volgt te werk gaan: steun de hand van de geopereerde zijde en breng uw lichaamsgewicht op het niet geopereerde been. Buig het lichaam naar voor, hef gelijktijdig het geopereerde been naar achter. Uw vrije hand kan nu zonder risico de grond raken.

10.6. Trappen doen

Bij het bestijgen van een trap plaatst u eerst het niet geopereerde been, gevolgd door de elleboogkruk en het geopereerde been. De kruk houdt u langs de andere zijde dan de trapleuning.
Bij het afdalen van een trap plaatst u eerst de elleboogkruk gevolgd door het geopereerde been en tenslotte het niet geopereerde been. 


 

11. Kostprijs

Het grootste gedeelte van de factuur wordt door de gemeenschap gedragen en betaald via je ziekenfonds. Nochtans blijft er een deel door je te betalen. Teneinde je onaangename verrassingen te besparen, geven wij een idee van de kosten die je zelf moet dragen.

Er zijn kosten die elke patiënt moet dragen (=persoonlijk aandeel), ongeacht welke kamertype je hebt gekozen:

  • eerst is er de opleg voor medicatie, anti - trombosekousen, forfaits voor foto’s, het laboratorium en eventueel voor een pijnpomp. Uiteraard verschilt de medicatie van patiënt tot patiënt!
  • Elke patiënt draagt een deel van de totaalkost voor de prothese, afhankelijk van de gebruikte combinatie. Zie onderstaande tabel:

Kom Steel   Koppel   Totaal   Eigen aandeel
Niet gecemtenteerd   Niet gecementeerd       2 892€ 729€
Niet gecemtenteerd   Wel gecementeerd       2 616€ 663€
Niet gecemtenteerd   Wel gecementeerd   Ceramisch   2 770€   863€
Niet gecemtenteerd   Niet gecementeerd   Ceramisch   3 064€  928€

  
Voor een metaal/metaal prothese zal je circa 1.500,00 euro moeten opleggen (bovenop de andere kosten). De meeste hospitalisatieverzekeringen betalen daarvan de helft terug (informeer je op voorhand!). Een oxinium heupkopje kost 500,00 euro en wordt door de meeste hospitalisatieverzekeringen niet terugbetaald.

Opdat je je een idee zou kunnen vormen over de totaalprijs zit er achteraan deze brochure een voorbeeld waarbij uitgegaan werd van de prijs van een ‘standaard  prothese’, dit wil zeggen combinatie van een  ongecementeerde pan + gecementeerde steel, plastieken insert en metalen kopje. Dit is de goedkoopste combinatie.

Voor de meest recente tarieven voor je verblijf verwijzen we naar de onthaalbrochure die je bij opname krijgt. Het personeel aan de Balie Opname Planning kan je meer gedetailleerde informatie geven over de kostprijs.

Indien je een hospitalisatieverzekering hebt dekt die meestal al deze kosten (afhankelijk van de polisvoorwaarden). Informeer hiervoor tijdig bij je ziekenfonds!

12. Ondersteunende diensten

Indien u nog andere wensen hebt, aarzel niet u te wenden tot het team van zorgverleners dat klaarstaat om voor u te zorgen. Het ziekenhuis kan allerlei vormen van ondersteuning bieden, bijvoorbeeld een tolk.
Voor het regelen van alle zorgen na uw ontslag kan u best terecht bij de sociale dienst:
Sociale Dienst: 03/ 280 23 72.

13. Bij problemen

Wanneer er zich thuis problemen voordoen, kan u uiteraard bij uw huisarts terecht. Indien u uw huisarts om één of andere reden niet kan bereiken kan u steeds een arts vinden in de spoedgevallendienst van het ZNA Middelheim.
Spoedgevallen (slechts in dringende gevallen!): 

  • 03/ 280 40 53 (ZNA  Middelheim)
  • of 100 (algemeen noodnummer)

 

14. Vragen

Indien u nog vragen hebt, aarzel niet ze te stellen. Zowel uw huisarts, uw chirurg, kinesist en verpleging zijn zeker bereid om u uitleg te verschaffen. We zijn er ons goed van bewust dat zaken die voor ons heel normaal zijn, dit niet noodzakelijk voor u zijn.

  • Verpleegeenheid 7E:  03/ 280 37 74
  • Verpleegeenheid 7D:  03/ 280 37 73

Indien u dit wenst mag u op voorhand komen kennismaken met de verpleegeenheid en de mensen die voor u zullen zorgen. Er bestaat zelfs de mogelijkheid om een praatje te maken met een patiënt die de ingreep al achter de rug heeft en nu aan het recupereren is! Het zal u wellicht geruststellen !

We wensen je een aangenaam verbliijf in ZNA Middelheim, een vlotte genezing en een prima resultaat!

© Karl Brabants
Versie januari 2007 

Deze brochure kwam tot stand met de medewerking van de hoofdverpleegkundigen Gerd Peeters en Sonja Grauls, de heer Wim Van de Waeter en medewerkers Leen Gonnissen en Toon Uyttersprot (klinisch paden ZNA Middelheim). Hartelijk dank!

15. Voorbeeld van het kostenplaatje
Dit is een fictief voorbeeld van mogelijke kosten (in Euro):

 

Privé kamer

Biskamer (2 pers.)

Zaal (4 pers.)

 

Voorbeeld: 11 dagen

 Voorbeeld: 11 dagen

Voorbeeld: 11 dagen

 

RIZIV

persoonlijk aandeel

Supple-
ment

RIZIV

persoonlijk aandeel

Supple-
ment

RIZIV

persoonlijk aandeel

Supple-
ment

verblijf (hotel+verpleging)

4180

168

407

4180

168

165

4180

 

 

prothese+cement

1960

 729

 

1960

 729

 

1960

 

 

apotheek (excl. Prothese)

124

 254

 

124

 254

 

124

 

 

ereloon chirurg

723

 

723

723

 

 

723

 

 

ereloon anesthesie

380

 

380

380

 

 

380

 

 

andere erelonen

530

48

 

530

48

 

530

 

 

(oa. kiné, labo, forfaits)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Totaal

7897

1199

1510

7897

1199

165

7897

1199

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

totaal eigen aandeel:

 

 

2709

 

 

1364

 

 

1199

(in BEF:)

 

 

(109.280 BEF)

 

 

(55.023 BEF)

 

 

(48.367 BEF)

 

16. Checklist om zelf aan te vullen

Er moet voor de operatie heel wat gebeuren. Dit lijstje zal u helpen niets te vergeten.

De aangevinkte zaken moeten gebeuren vóór de operatie. Zet in de tweede kolom een kruisje naast die dingen die u in orde hebt gebracht:

 

De volgende zaken dient u in orde te maken
(in te vullen door het ziekenhuis)

In orde
(zelf bij te houden)

Bloedonderzoek

RX Thorax

ECG

Afspraak maken bij Dr.  Brands

Afgeven opnameformulier

Bezoek Dr. Brands

RX heup en bekken laten uitvoeren

Bezoek aan anesthesist

Bezoek aan de sociale dienst i.v.m revalidatiecentrum