Nieuwe trends
Heup
- Brochure heupprothese
- Nieuwe trends in heupchirurgie
- geschiedenis van de heupchirurgie
- Heupkopnecrose
- Heuparthroscopie
- Klassieke heupprothese
- Minimal invasieve chirurgie
- Resurfacing (McMinn)
Knie
Onderzoeken
Schouder
Rug
klinisch pad THP
Preoperatieve voorbereiding
voet
Transmuraal aspect bij klinischpad
Hand
sportletsels


 
 
Home Dienst Orthopedie Artsen Orthopedie Traumatologie Nieuws Links
Waar ben ik ? : Home > Orthopedie > Heup > Klassieke heupprothese

Klassieke heupprothese


1. Beschrijving van de ingreep en uw verblijf

1.1. Wanneer wordt een heupprothese geplaatst?

Een heupprothese (=een kunstheup) wordt geplaatst bij ernstige beschadiging van het heupgewricht. De oorzaak van deze beschadiging is meestal artrose of een reumatische aandoening. Dit veroorzaakt pijn en slecht  functioneren. De schade is te zien op een röntgenfoto van de heup.


Het heupgewricht bestaat uit de kop van het dijbeen dat soepel ronddraait in de kom van het bekken. Die soepele beweging wordt mogelijk gemaakt door een laagje kraakbeen op de kop van het dijbeen en in de kom van het bekken.  Kraakbeen is een glad en verend weefsel.
Slijtage van het kraakbeen noemt men artrose. Dergelijke slijtage is een normaal verouderingsproces dat bij iedereen optreedt. Bij sommige mensen verloopt de slijtage sneller. Oorzaken daarvan zijn abnormale belasting, een ongeval, of vormafwijkingen van het heupgewricht. Er is zeker ook een belangrijke familiale voorbeschiktheid. Slijtage is niet altijd aan een specifieke oorzaak toe te schrijven.


Dergelijke slijtage veroorzaakt pijn. Wanneer de pijn niet meer kan verholpen worden met andere middelen  zal een heupprothese worden voorgesteld. Bij ernstige heupbeschadiging worden zowel heupkop als heuppan vervangen (volledige prothese).
We plaatsen ook vaak een prothese als de heupkop afbreekt. Het is dan niet altijd noodzakelijk om heel het gewricht te vervangen. Gewoonlijk wordt enkel de afgebroken kop van het dijbeen vervangen. We spreken dan van een “halve prothese” of “hemiprothese”.

1.2. Hoe ziet een heupprothese er uit ?
Een heupprothese is een nabootsing van de normale heup. Bij de operatie wordt de heupkop verwijderd (Zie figuur A). In de kom wordt het resterende kraakbeen uitgefreesd. (Zie figuur B).

 
Vervolgens worden de onderdelen van de nieuwe heup geplaatst. In de heupkom komt de nieuwe kom van kunststof en metaal (zie figuur C). Daarna wordt in het bovenbeen een metalen pen geplaatst met een klein kopje er bovenop (figuur D). Dit past precies in de kunststof kom. Deze pen wordt ook wel de “steel” of “stem” genoemd.


Er zijn verschillende manieren om de onderdelen vast te zetten. In onze dienst wordt de metalen kom meestal gewoon geklemd in de oorspronkelijke heuppan. Het bot groeit in de prothese in. Deze ingroei wordt bereikt na ongeveer 6 weken.  Soms worden er één of twee schroeven geplaatst om extra stevigheid te garanderen.

In de metalen kom wordt een kunststof gedeelte geplaatst dat klassiek uit hoogwaardig plastiek vervaardigd is
De metalen steel bestaat uit chroom-cobalt of titanium en kan op twee manieren geplaatst worden.

Ofwel wordt de steel met speciale cement (methylmetacrlylaat) in het dijbeen vastgezet. Ook hier moet dan een stevige verankering bereikt worden door ingroei van bot. Zoals hoger gezegd vraagt dit ongeveer zes weken tijd.  Ofwel wordt de metalen stem in het dijbeen geklemd, zonder gebruik van cement. Of er al dan niet met cement gewerkt wordt hangt af van de kwaliteit van het bot en uw leeftijd.
Bovenop de steel wordt een bolletje geplaatst dat glijdt in het binnenste gedeelte van de nieuwe pan.  De combinatie van kopje en binnenste gedeelte van de nieuwe pan noemen we het ‘koppel’. Klassiek werd vroeger kozen voor een plastieken binnenpan en een metalen kopje. Het plastiek is de zwakke schakel van de prothese omdat die het meest aan slijtage onderhevig is. Dergelijke slijtage  treedt bij iedereen op. Snelle plastiek-slijtage kan een mechanisme in gang zetten dat de heupprothese uiteindelijk doet loskomen. De normale levensduur van een plastiek/metaal-prothese bedraagt 10 ŕ 15 jaar.   Meer en meer wordt er voor het koppel gebruik gemaakt van nieuwe materialen die beter glijden, minder wrijven en  daardoor trager verslijten. Zo gebruiken we vaak een keramisch kopje, soms ook een keramische binnenpan. We hopen de levensduur van de prothese daarmee boven 15 jaar te brengen.
Bij ons is nu ook het oxiniumkopje beschikbaar. Dit is een metaal met een laagje ceramiek en heeft de voordelen van de twee. De eerste gegevens zijn hoopgevend doch resultaten op lange termijn zijn nog niet beschikbaar. 

In sommige gevallen zullen wij opteren voor een grote diameter kop. Vooral bij actieve patienten is dit en goede oplossing. Het geeft een beter gevoel en meer natuurlijk bewegen.
Aan de verschillende systemen en materialen zijn uiteraard verschillende prijzen verbonden.

2. Tegenaanwijzingen

Meestal zullen we geen prothese plaatsen bij
- sterk beperkte levensverwachting
- slechte algemene toestand
- belangrijk verminderde doorbloeding van het lidmaat
- extreme gewrichtsverstijving
- onmogelijke revalidatie (ernstige psychische stoornissen, belangrijke verlammingen).